De beroemde Fontana dei (Quattro) Fiumi of de Vierstromenfontein van Gian Lorenzo Bernini op Piazza Navona laat het water weer voluit stromen. De voorbije 2,5 jaar werd de fontein drooggelegd omdat het monument werd gerestaureerd.
Al die tijd stond er een houten schutting rond de fontein, weliswaar met enkele doorkijkgaten, maar de renovatiewerken verknoeiden toch het totale uitzicht en de uitstraling van het plein.
De Vierstromenfontein, samen met de Trevi wellicht de meest gefotografeerde fontein in Rome, werd van 1648 tot 1651 gebouwd in opdracht van paus Innocentius X en onder meer bekostigd met een extra belasting op brood, zout en vlees, een maatregel die door de Romeinse bevolking indertijd – zeer begrijpelijk – niet in dank werd afgenomen. De fontein kwam er als gevolg van een ontwerpwedstrijd om Piazza Navona te verfraaien.
Bernini mocht aanvankelijk niet meedoen van de paus, want de kunstenaar was de grote favoriet geweest van de vorige paus, Urbanus VIII, en die was alles behalve een vriend van Innocentius X. Deze laatste had dus enkel aan Francesco Borromini en Alessandro Algardi een ontwerp gevraagd. Op aandringen van prins Ludovisi, voor wie Bernini het Palazzo di Montecitorio (het huidige parlementsgebouw) had gerealiseerd, diende Bernini uiteindelijk toch een ontwerp in.
De kunstenaar bezorgde aan donna Olympia Maidalchini-Pamphili, de schoonzus van Innocentius X, een zilveren schaalmodel van de fontein zoals hij die zag. Olympia vond dit zo prachtig dat ze de paus kon overtuigen om de opdracht toch aan Bernini te gunnen.
Hij heeft daar geen spijt van gehad, want al snel besefte de paus dat het onmogelijk was om het enorme talent van de veelzijdige Bernini te negeren. Het is zeker goed gekomen tussen die twee, want in de Galleria Doria Pamphili aan de Via del Corso, kan je onder meer een paar mooie portretbustes bewonderen die Bernini later nog gemaakt heeft van Innocentius X.
De beroemde Vierstromenfontein heeft zijn naam te danken aan de beelden die erop geplaatst zijn. Zij stellen namelijk vier grote stromen uit de vier toen bekende werelddelen voor. In tegenstelling tot wat veel mensen denken zijn de beelden niet van Bernini zelf, maar werden ze gemaakt door diverse leerlingen uit zijn atelier.
Het eerste is van Claude Poussin en staat voor de Ganges in Azië, uitgebeeld door een riviergod met een lauwerkrans op het hoofd en een grote stok (of boom) tussen de knieën. De Donau in Europa (van Antonio Raggi) draagt het pauselijke wapen en toont Montedoro, een beroemd renpaard uit die tijd.
De Nijl (Afrika) werd gerealiseerd door Giacomo Antonio Fancelli en toont een boomgod met een doek over zijn hoofd. Dit zou verwijzen naar het feit dat de bronnen van de Nijl in die tijd nog niet ontdekt waren. Als laatste is er de Rio de la Plata, de voorstelling van Amerika door Francesco Baratta, die een vreemd aapachtig wezen toont met een stapel muntstukken eromheen.
Dit zou symbool staan voor bodemschatten van Zuid-Amerika maar kan ook een verwijzing zijn naar de primitieve bevolking in dat continent, waar de eerste missionarissen pas waren begonnen met het bekeren en dopen van de inboorlingen.
Over het beeld van de Rio de la Plata wordt weleens verteld dat het lijkt weg te duiken uit angst dat de gevel van de Sant’Agnese in Agone op hem valt. Ook het beeld van de Nijl, met de doek over het hoofd, zou dit doen om het kerkgebouw van de Heilige Agnes zeker niet te moeten zien.
Bernini zou dit zo laten maken hebben omdat de Sant’Agnese-kerk door zijn grote rivaal Borromini is gebouwd. Het is een leuke en grappige anekdote, die door de meeste gidsen in Rome regelmatig wordt verteld, maar die onmogelijk kan kloppen omdat de fontein reeds in 1651 volledig klaar was en de bouw van de kerk pas in 1652 begon.
Ook opvallend aanwezig is de 16,54 meter hoge obelisk die in het midden van de fontein omhoog rijst. De volledige fontein, met de sokkel erbij, is op die manier 35 meter hoog. Het samenbrengen van architectuur en beeldhouwwerk in deze fontein was revolutionair ten opzichte van andere fonteinen die tot dan toe in Rome werden gebouwd.
De obelisk is afkomstig uit het Circus van Maxentius aan de Via Appia en komt – in tegenstelling tot veel andere obelisken in Rome – niet uit Egypte maar werd uitgehakt in opdracht van keizer Domitianus. Innocentius X besliste om die oude, ondertussen omgevallen en gebroken obelisk, te hergebruiken voor de Piazza Navona, de plek waar zich in de oudheid overigens het stadion van Domitianus bevond.
De hiërogliefen op de obelisk zijn pas aangebracht zijn bij de verplaatsing naar de Piazza Navona. Op de obelisk is ook het familiewapen van Innocentius X aangebracht: de duif met de olijftak, niet enkel een voorstelling van de Heilige Geest, maar ook een symbool voor de evangelisatie van de vier werelddelen.
Verder zijn op de fontein onder meer nog een palmboom, een leeuw, een zeeslang, twee dolfijnen en een armadillo of gordeldier te zien. Voor zijn werk ontving Bernini van Innocentius X een vlotte betaling van drieduizend scudi, een bewijs dat de paus heel erg tevreden was, want de man stond bekend als zeer gierig die slechts met veel moeite en pas na lang aandringen met geld over de brug kwam.
Oorspronkelijk gepubliceerd door de stichter van S.P.Q.R. op romenieuws.wordpress.com, op 20 maart 2009. Bekijk het origineel.

