Voor het eerst in de geschiedenis van de Europese Unie wordt een rechthoekige euromunt uitgegeven. Het gaat om een speciale uitgave van het Vaticaan die gewijd is aan de schilder Caravaggio (1571-1610). De nieuwe munt is vervaardigd uit zilver en heeft een monetaire waarde van 25 euro.
De munt bevat een kleurenafbeelding van het beroemde schilderij De graflegging van Christus dat in 1603 of 1604 door Caravaggio werd geschilderd als altaarstuk voor de familiekapel van Girolamo Vittrice in de Santa Maria in Vallicella in Rome, beter bekend als de Chiesa Nuova. Het originele doek kwam later terecht in de Vaticaanse musea, in de Chiesa Nuova hangt vandaag een kopie.
De nieuwe munt wordt uitgegeven ter gelegenheid van de 450ste geboortedag van de kunstenaar Michelangelo Merisi da Caravaggio die op 29 september 1571 in de provincie Bergamo werd geboren. Met dergelijke uitgaven wordt vooral gemikt op verzamelaars.
Het muntstuk kan vanaf 25 juni bij het Vaticaans Bureau voor Filatelie en Numismatiek worden gekocht als onderdeel van een set, samen met enkele andere munten en postzegels, voor de prijs van 139 euro.
Met De Graflegging van Christus toonde Caravaggio zich een opvolger van Michelangelo en Rafaël, twee voorgangers die deze scène ook hadden afgebeeld (Michelangelo met zijn beroemde Pietà, Rafaël met zijn Graflegging).
Caravaggio schilderde het doek in de periode 1602-1604 voor de familiekapel van Girolamo Vittrici in de Chiesa Nuova in Rome, die officieel de Santa Maria in Vallicella heet. Het schilderij diende aanvankelijk als altaarstuk voor deze kapel, maar bevindt zich tegenwoordig in de Pinacotheek van de Vaticaanse Musea.

Paus Gregorius XIII die goed bevriend was met Girolamo Vittrici, had een aflaat ingesteld voor het bidden in zijn kapel in de Chiesa Nuova.Een aflaat betekende de kwijtschelding voor God van tijdelijke straffen voor zonden die, wat de schuld betreft, reeds vergeven werden. Het feit dat je door een gebedsronde in deze kapel een aflaat kon verdienen, zorgde ervoor dat de Cappella Vittrici erg populair werd bij de gelovigen en pelgrims.
Girolamo Vittrici stierf echter onverwacht en de kapel met het altaar werd pas na zijn dood voltooid. De paus stond er echter op dat het toegekende privilege van de aflaat gehandhaafd bleef. De Santa Maria in Vallicella heeft in totaal twaalf altaarstukken in de kapellen bij de zijbeuken. Deze altaarstukken vormen één doorlopend verhaal over de kruisweg. In elk altaarstuk is tussen de andere figuren Maria te zien.
De twee aangrenzende kapellen van de Vittrici-kapel hebben altaarstukken waar de Kruisiging en de Hemelvaart worden afgebeeld. De Graflegging van Christus die Caravaggio voor de kapel van Vittrici maakte, past hier perfect tussen. Toen Caravaggio aan zijn altaarstuk begon, waren vele schilderijen boven de andere altaren al voltooid. Daardoor kon Caravaggio zijn werk uitstekend laten aansluiten met dat van zijn collega’s.
Zo sluit De Kruisiging van de schilder Scipione Pulzone (ook bekend als Il Gaetano) haast perfect aan met het werk van Caravaggio. Niet alleen het verhaal sluit goed aan, ook de stijl van enkele figuren en hun kleding wordt voortgezet. Zo neemt Caravaggio ook het rode en het groene kleed over.
Het originele schilderij van Caravaggio kan je in deze kapel dus niet meer vinden, in de plaats ervan hangt een kopie. Nadat Caravaggio het schilderij voltooide bleef het in de Vittrici-kapel tot 1797. Toen werd het naar aanleiding van het Verdrag van Tolentino (tussen Frankrijk en de Pauselijke Staten in het kader van de Napoleontische oorlogen) uit de kapel verwijderd.

Paus Pius VI werd door de aanwezigheid van troepen onder het bevel van Napoleon Bonaparte, gedwongen tot sterke economische en territoriale concessies ten voordele van de Fransen. Het Verdrag bepaalde ook dat de paus een aantal kunstwerken moest afstaan, waarbij de Fransen het recht hadden om in alle gebouwen uit te zoeken wat hen interesseerde.
Zo verdwenen in die periode meer dan honderd beelden en schilderijen vanuit Rome naar Parijs. Niet alle werken keerden later terug naar Rome, het doek van Caravaggio wel. Het kwam echter nooit meer terecht in de Chiesa Nuova maar werd in 1816 ondergebracht in de Vaticaanse Musea.
Het majestueuze schilderij werd volgens de Romeinse schilder en kunstenaarsbiograaf Giovanni Baglione (1566-1643) door tijdgenoten beschouwd als Caravaggio’s allerbeste werk. Het doek is inderdaad bijzonder expressief. Het lichaam van Christus schittert tegen de donkere achtergrond, waarin de toegang tot het graf nog net zichtbaar is.

Zijn bovenlichaam rust op de rechterarm die Johannes om hem heen heeft geslagen. Nicodemus heft het onderlichaam op. Met beide armen heeft hij de knieën van Christus vastgepakt, zijn handen ineen om de grip te vergroten.
Achter hen bevinden zich drie vrouwen. Maria’s vermoeide, trieste blik is naar beneden gericht. De mooie Maria Magdalena dept met gesloten ogen haar tranen. Maria Cleophas richt haar blik juist naar boven terwijl ze haar armen ten hemel spreidt en haar mond heeft geopend in een wanhopige schreeuw. Hoog verheven op de grote dekplaat van het graf waarop hij zal worden gezalfd en in doeken zal worden gewikkeld tonen zij ons, toeschouwers, Christus.
In 2018 verliet het originele schilderij zeer uitzonderlijk het Vaticaan om getoond te worden in Nederland. Het Centraal Museum in Utrecht organiseerde toen van 16 december 2018 tot en met 24 maart 2019 de tentoonstelling Utrecht, Caravaggio en Europa. Eén van de topstukken was De graflegging van Christus, dat op de expo te zien was tot 14 januari 2019.
Oorspronkelijk gepubliceerd door de stichter van S.P.Q.R. op romenieuws.wordpress.com, op 30 juni 2021. Bekijk het origineel.

