Tentoonstelling over Leonardo da Vinci begonnen in de Scuderie del Quirinale

Lichte, scherpe silhouet van de Lupa Capitolina, gebruikt als vervangfoto

Dit jaar is het vijfhonderd jaar geleden dat de beroemde wetenschapper en uitvinder Leonardo da Vinci overleed. Naar aanleiding daarvan opende in de Scuderie del Quirinale in Rome zopas een belangrijke tentoonstelling die volledig gewijd is aan het leven en werk van het genie. De Scuderie del Quirinale organiseert de tentoonstelling in samenwerking met het Museo Nazionale della Scienza e della Tecnologia di Milano en de Veneranda Biblioteca Ambrosiana. De tentoonstelling is te bezoeken tot 30 juni 2019.

De tentoonstelling toont onder meer ook de beroemde originele Codex Atlanticus, die slechts zelden de bibliotheek van Milaan verlaat. In totaal zijn er ongeveer tweehonderd objecten te zien, waaronder tekeningen, gebruiksvoorwerpen, boeken en een selectie van historische ontwerpen en modellen die da Vinci maakte.

De tentoonstelling bevat vooral werken die inzicht bieden in de technische en wetenschappelijke ontwikkelingen van Leonardo in de culturele context van zijn tijd. Ook zijn beroemde ontwerpen voor vliegmachines, zijn gebruik van perspectief, zijn studies naar de ideale stad en zijn meesterlijke mix van klassieke traditie en wetenschappelijke innovatie komen uitgebreid aan bod.

Italië besteedt veel aandacht aan het feit dat Leonardo da Vinci vijf eeuwen geleden overleed. In de polyvalente zaal van het kabinet van premier Giuseppe Conte in Palazzo Chigi in Rome werd zopas ook de website www.leonardocinquecento.it voorgesteld. Daarop worden alle officiële activiteiten die dit jaar in Italië rond Leonardo da Vinci plaatsvinden opgenomen.

Er is ook de kunstfilm ‘Io, Leonardo’, die de komende maanden in de Italiaanse bioscopen en op Sky Italia zal te zien zijn. De film biedt een nieuwe kijk op Leonardo da Vinci, ver weg van de stereotypen waarmee hij meestal wordt beschreven. De hoofdrol wordt vertolkt door Luca Argentero.

Overigens maken Italië en Frankrijk momenteel nog maar eens ruzie, ditmaal over Leonardo da Vinci. De vorige regering in Rome beloofde het Louvre dat het vijf werken van Leonardo kon lenen voor een grote tentoonstelling dit najaar. Maar Lucia Bergonzoni, de huidige Italiaanse staatssecretaris voor Cultuur ziet dat niet zitten. “Als we onze topstukken weggeven, spelen we zelf een bijrol tijdens de grote Leonardo da Vinci-viering op 2 mei. Het is dus niet nodig dat de Fransen alles krijgen. Het nationale belang van Italië komt op de eerste plaats”, verklaarde ze in de Italiaanse media.

“Het erfgoed van da Vinci behoort aan Italië. Leonardo is bij ons geboren, hij is alleen maar gestorven in Frankrijk. Bovendien zijn de Italianen niet vergeten dat onder Napoleon veel Italiaanse kunstwerken zijn meegenomen om in Franse musea tentoongesteld te worden. De Mona Lisa is al langer in Franse handen”, aldus nog Bergonzoni die behoort tot de rechts-nationalistische partij Lega.

Volgens het akkoord dat in 2017 door de vorige Italiaanse regering werd gesloten zouden vier Italiaanse musea vijf werken van Leonardo uitlenen aan het Louvre, waaronder de beroemde tekening ‘Man van Vitruvius’ uit de Accademia in Venetië. Als tegenprestatie zou het Louvre volgend jaar een aantal werken van Rafaël uitlenen voor een overzichtstentoonstelling in Rome. De Fransen vinden het maneuver van Bergonzoni onredelijk en laten weten dat het Louvre in 2015 twee schilderijen van Leonardo heeft uitgeleend voor een tentoonstelling in Milaan.

Leonardo da Vinci (1452-1519) was een Italiaanse schilder, tekenaar, schilder, architect, beeldhouwer, uitvinder, filosoof, musicus, scheikundige, anatomist, schrijver, ingenieur, natuurkundige, … en als dusdanig een typisch voorbeeld van de ‘uomo universale’ van de renaissance. Leonardo was de onwettige zoon van de notaris van Vinci en een boerenmeisje. Waarschijnlijk verbleef hij vanaf 1466 in het atelier van Andrea del Verrocchio in Firenze en vanaf 1472 was hij eigen baas, hoewel hij nog enkele jaren als Verrocchio’s helper optrad en in diens huis woonde.

Omstreeks 1473 schilderde hij in een door Verrocchio ontworpen Doop van Christus (Uffizi, Firenze) de meest linkse engel en een klein stuk van het landschap. Zijn streven om een landschap weer te geven als een versluierde, summier aangeduide en toch als een organisch geheel herkenbare wereld, komt telkens in zijn schilderijen en tekeningen voor. Leonardo had een grote belangstelling voor de menselijke fysionomie, een onderwerp dat hij in allerlei nuanceringen heeft uitgebeeld, zowel in ideale, schone als in bizarre en zeer realistische typeringen.

Van 1483 tot 1499 verbleef hij in Milaan aan het hof van hertog Ludovico Sforza. Deze vertrouwde hem het ontwerp voor een ruiterstandbeeld toe, waarin zijn vader Francesco Sforza verheerlijkt moest worden en waarvan de kunstenaar een 7 m hoog monument wilde maken. Het is nooit uitgevoerd, er heeft wel enkele jaren een gipsmodel op ware grootte bestaan en er zijn tevens enkele fraaie tekeningen (zilverstift op blauw getint papier, Royal Library, Windsor Castle) bewaard gebleven.

In deze periode ontstonden schilderijen met de voor Leonardo zo kenmerkende toepassing van ‘chiaroscuro’ en ‘sfumato’, het schemerige, zachte licht en de fijne, subtiele vormgeving, die hij in de plaats stelde van de lineaire schilderwijze en de scherpe belichting van de Florentijnse schilderkunst uit het einde van de vijftiende eeuw.

Deze geheel nieuwe artistieke zienswijze heeft hij ook genoteerd in zijn theoretische notities over de invloed van het licht op de kleuren en ze maken onderdeel uit van zijn uitspraken over de schilderkunst in het algemeen. Deze werden later verzameld tot een Trattato della pittura, waarvan de eerste uitgave in 1651 in Parijs verscheen.

Een aantal tekeningen (in de Accademia in Venetië, de Brera in Milaan, de Royal Library van Windsor) getuigen van de aandachtige voorbereidingen voor het Laatste Avondmaal (1495-1498, de muurschildering is te zien in de Santa Maria delle Grazie in Milaan) dat door Leonardo, in tegenstelling tot de gangbare opvattingen, vooral vanuit psychologisch standpunt vertolkt werd. Nieuw is ook, dat alle figuren gezamenlijk achter de tafel zitten, ook Judas, die vóór die tijd steeds geïsoleerd tegenover de anderen was opgesteld.

Na de bezetting van Milaan door de Franse troepen (in oktober 1499) reisde Leonardo naar Mantua, Venetië en ten slotte naar Firenze. Hier verbleef hij van 1503 tot 1506 en werd er door de stadsbestuurders belast met het ontwerpen van een wandschildering in de grote raadszaal van het Palazzo della Signoria (het huidige Palazzo Vecchio). Hiervoor ontwierp hij een historische gevechtsscène, de Slag bij Anghiari die op 29 juni 1440 werd geleverd.

Er zijn alleen talrijke paardenstudies (dieren in heftige beweging) en enkele andere tekeningen van bewaard gebleven. De centrale groep, ruiters in gevecht om een vaandel, bleef in een aantal kopieën bewaard. De bekendste is die van Peter Paul Rubens, een tekening in zwart krijt die zich in de collectie van het Nederlandse koningshuis bevindt. Het was alleen deze ‘strijd om het vaandel’, die Leonardo zelf ter plaatse op de wand aanbracht. Nog vóór de voltooiing van het hele tafereel verliet hij Firenze. Het fragment zou later verdwijnen onder de fresco’s van Vasari en zijn leerlingen.

Van 1506 tot 1512 woonde Leonardo opnieuw in Milaan, nu in dienst van de Franse bezetters. Opnieuw hield hij zich in deze jaren bezig met de creatie van een ruiterstandbeeld, ditmaal ter ere van maarschalk Giacomo Trivulzio. Ook dit kwam nooit tot stand. Intussen verdiepte Leonardo zich in allerlei wetenschappelijke studies. Talrijke losse, ongeordende bladen met de meest uiteenlopende notities en illustraties kwamen in 1519 in het bezit van zijn erfgenaam en leerling Francesco Melzi.

Na Melzi’s dood in 1570 raakten ze verspreid, totdat de beeldhouwer Pompeo Leoni omstreeks 1600 tien delen met Leonardo’s geschriften verzamelde en samenbracht in één geweldige foliant, de Codex Atlanticus (bewaard in de Biblioteca Ambrosiana in Milaan). Maar ook elders in Europa vindt men losse bladen met aantekeningen en illustraties (o.a. in de Royal Library, Windsor Castle) en in 1965 werden twee tot dan onbekende notitieboeken ontdekt in de Biblioteca Nacional in Madrid, de Codices Madrid I en II, die vooral technische ontwerpen bevatten.

In september 1512, het jaar waarin de Fransen Milaan moesten verlaten, begaf Leonardo zich met vier leerlingen via Firenze eindelijk naar Rome. Hier was hij enkele jaren in dienst van Giuliano de’ Medici, een broer van paus Leo X. Hij kreeg in Rome echter niet zoveel te doen, maar wel ontstonden daar (in 1514) de tien magistrale tekeningen van de zondvloed (te zien in Windsor Castle). Het zijn abstracte, visionaire composities, die verband hielden met zijn onderzoekingen naar de beweging van het water.

In die periode heroverde de Franse koning, Frans I, Milaan. In 1516 accepteerde Leonardo de uitnodiging van de koning naar Frankrijk te komen. Hij kreeg er woonruimte in het landhuis Cloux (thans Clos-Lucé) bij Amboise (thans als museum opengesteld), samen met zijn vrienden Melzi en Salai. In april 1519 maakte hij hier zijn testament. Het Louvre in Parijs (Mona Lisa, 1503), de Uffizi in Firenze en de National Gallery in Londen bezitten allen schilderijen van Leonardo.

Leonardo da Vinci was ongetwijfeld één van de grootste en meest universele geesten die de mensheid gekend heeft. Zijn nieuwe visie op de schilderkunst wekte in grote kring bewondering en bezorgde hem een enthousiaste groep van leerlingen en navolgers, ook buiten Italië. Toch zou zijn invloed minder groot en duurzaam zijn dan die van Rafaël en Michelangelo.

Over zijn activiteiten op het gebied van de beeldhouwkunst is men onzeker. Vasari vermeldt zijn inspirerende samenwerking met Giovanni Fr. Rustici in Firenze bij de vervaardiging van de bronzen groep boven de noordelijke deur van het baptisterium (Johannes de Doper tussen een leviet en een farizeeër, 1506-1511). Men heeft dus geprobeerd Leonardo’s hand in bepaalde beeldhouwwerken te herkennen. Het gaat dan vooral om producten uit het atelier van Verrocchio, zoals o.a. het charmante groepje van de Madonna met een lachend Christuskind (omstreeks 1475, terracotta, Victoria and Albert Museum, Londen).

Als wetenschappelijk onderzoeker had Leonardo da Vinci een uiterst veelzijdige belangstelling. Hij vergaarde kennis op bijna ieder wetenschappelijk gebied en legde die vast in zijn veelal geïllustreerde notities, in linkshandig spiegelschrift. Dat hij autodidact was en geen universitaire opleiding had genoten, bracht met zich mee dat hem op natuurwetenschappelijk gebied geen vooroordelen waren opgedrongen, maar had ook tot gevolg dat hij de systematische benadering en de mathematische kunde, nodig voor een verder uitwerken van zijn ideeën en voor het overtuigen van anderen van de juistheid daarvan, miste.

Van de vele onderwerpen waar hij zich mee bezig heeft gehouden, kunnen op wiskundig gebied de kwadratuur van de cirkel en het construeren van regelmatige veelhoeken vermeld worden. Op natuurkundig terrein ging zijn belangstelling vooral uit naar de wetten van de beweging, de mechanica, naar de hydraulica, de optica en akoestische problemen. Hij kende de camera obscura, de versnelling van de zwaartekracht en vergeleek de dichtheid van vloeistoffen door vloeistofkolommen in een U-vormige buis met elkaar in evenwicht te brengen, waarmee hij op de wet van Pascal anticipeerde.

Hij maakte talrijke ontwerpen voor de meest verschillende werktuigen, onder andere watermolens, hefbomen, baggermachines, geschut, een tank en ander oorlogstuig, muziekinstrumenten, een fiets, liften en vliegmachines, waarbij hij uitging van de observatie van vogels in hun vlucht. Leonardo ontwierp kanalen, irrigatiesystemen, modellen voor kanalisatie van de Arno en andere waterbouwkundige werken. Op het gebied van de bouwkunde onderzocht hij o.m. de krachten die in muren, bogen en zuilen optreden.

Tevens bestudeerde hij de anatomie van de mens door het verrichten van sectie op lijken, gaf een beschrijving van het hart en de hartkleppen en van de ligging van de menselijke foetus in de baarmoeder, alles voorzien van prachtige anatomische tekeningen. Op geologisch gebied bestudeerde hij de vraag of de aarde aan langdurige structuurveranderingen onderhevig is, en had hij veel aandacht voor de fossielen. Zijn onderzoekingen strekten zich ook uit over de plant- en dierkunde, waarbij vooral het paard zijn belangstelling had.

Leonardo da Vinci. La scienza prima della scienza
Tot 30 juni 2019
Scuderie del Quirinale
Via XXIV Maggio 16, Rome
Tel. +39 02 928 977 22
info@scuderiequirinale.it
www.scuderiequirinale.it

Oorspronkelijk gepubliceerd door de stichter van S.P.Q.R. op romenieuws.wordpress.com, op 28 maart 2019. Bekijk het origineel.