Archeologen van de KU Leuven hebben bij opgravingen langs de Nerviërstraat in Asse verschillende muurfunderingen blootgelegd die afkomstig zijn van één of meerdere gebouwen uit de Romeinse periode. De opgravingssite situeert zich op de grens van een voormalige Gallo-Romeinse nederzetting (vicus) die Asse van het midden van de 1ste tot het begin van de 3de eeuw na Christus het economisch en bestuurlijk centrum maakte van de regio. Reeds eerder deden de archeologen in dit gebied belangrijke vondsten. Zo werden in 2007 langs de Krokegemseweg een pottenbakkersatelier, een V-vormige gracht, een mogelijk restant van een Romeinse tumulus en dakpanconcentraties aangetroffen. In 2008 kwamen langs de Nerviërstraat een goed bewaard Romeins wegtracé, verschillende greppels, een groot aantal kuilen en paalgaten aan het licht. Het aangetroffen complex lijkt een rechthoekige vorm te hebben met minimaal 25 meter lengte en 15 meter breedte en dateert uit de 2de eeuw na Christus. De grootte van het gebouw, de aanwezigheid van grote hoeveelheden kalkzandsteen, Doornikse steen en mortelfragmenten doen vermoeden dat het gebouw een belangrijke functie bekleedde binnen de Romeinse nederzetting. In kuilen werd nederzettingsafval gevonden waaronder aardewerk, glas, munten, mantelspelden, ringen en een dobbelsteen vervaardigd in hoorn.
De KU Leuven is begin april 2009 van start gegaan met een archeologisch onderzoek langs de Nerviërsstraat in Asse. Aanleiding van de opgravingen is de inplanting van twee nieuwe appartementsgebouwen en een verkaveling met bijhorende wegeniswerken. Voor het archeologisch onderzoek en de aansluitende verwerkingsfase krijgt de opgravingsploeg 14 maanden tijd. Projectverantwoordelijke is prof. Dr. Marc Lodewijckx. De dagelijkse leiding is in handen van Kristine Magerman uit Asse, als wetenschappelijk medewerkster verbonden aan de Onderzoekseenheid Archeologie. Bijkomend werden nog twee extra projectarcheologen, Nele Eggermont en Bernard Van Couwenberghe, en enkele arbeiders in dienst genomen.
Bijkomende steun wordt verleend door vrijwilligers van Agilas vzw en stagestudenten van de KU Leuven en de Universiteit Gent. De opgravingsvergunning werd verleend door het Agentschap R.O. – Vlaanderen, Onroerend Erfgoed. Het archeologisch onderzoek werd mogelijk door de financiële bijdrage van de bouwheer, Rybelco nv, door de gemeente Asse die enkele arbeiders ter beschikking stelt voor de duur van het project en door de Provincie Vlaams-Brabant die een bijkomende subsidie gaf.
In totaal kan een oppervlakte van 1,3 ha archeologisch onderzocht worden. Het gebied bevindt zich op de grens van de woonzone van de Gallo-Romeinse nederzetting van Asse (vicus). In de loop van de 1ste eeuw n. Chr. ontwikkelde deze nederzetting zich rond een kruispunt van Romeinse wegen. Zeker vanaf het midden van de 1ste eeuw tot het begin van de 3de eeuw n. Chr. was Asse het economische en bestuurlijke centrum van de regio. Het betrokken gebied bevindt zich in de noordoostelijke zone van de Romeinse nederzetting van Asse, voor zover deze afbakening bekend is door vroegere vondsten.
Door het archeologisch onderzoek van de KU Leuven op een aantal belendende percelen, in 2007 aan de Krokegemseweg en in 2008 aan de Nerviërsstraat, kon reeds worden aangetoond dat deze zone een belangrijke functie bekleedde in de economische bedrijvigheid van de Romeinse vicus. Langs de Krokegemseweg kwamen in 2007 de Romeinse weg richting Rumst, een pottenbakkersatelier, een V-vormige gracht, een mogelijk restant van een Romeinse tumulus en een 3de-eeuws dempingspakket met drie grote dakpanconcentraties aan het licht. In 2008 kwamen langs de Nerviërsstraat een goed bewaard Romeinse wegtracé, verschillende greppels, een groot aantal kuilen, een mogelijke waterkuil en een reeks paalgaten aan het licht. Dit alles wijst op een intensief gebruik van deze zone in de Romeinse tijd en op een hoge vondstdichtheid in de directe omgeving.
De meest spectaculaire vondst binnen de huidige opgraving is de aanwezigheid van verschillende muurfunderingen die afkomstig zijn van één of meerdere gebouwen uit de Romeinse periode. Het complex lijkt een rechthoekige vorm te hebben met een minimale lengte van 25 m en een minimale breedte van 15 m. De funderingen zijn opgebouwd uit rolkeien die samengehouden worden door middel van een roestkleurig bindmiddel. Op sommige plaatsen werd een combinatie van rolkeien en stukken kalkzandsteen gebruikt. Het oostelijk gedeelte van het gebouw is U-vormig met de opening gericht naar het oosten. In het verlengde ervan bevind zich een schijnbaar afzonderlijke funderingsmuur. Het westelijk gedeelte van het gebouw bestaat uit minimum twee parallelle funderingsmuren. Op verschillende plaatsen werden kleinere stukken fundering aangetroffen die mogelijk in verband gebracht kunnen worden met een zuilengaanderij. Het gebouw blijkt gedeeltelijk op oudere Romeinse kuilen te zijn gebouwd. Om stabiliteitsproblemen te vermijden werd het gebouw op de plaatsen van de kuilen merkelijk dieper gefundeerd. Over de functie van het complex kan nog maar weinig met zekerheid gezegd worden. De grootte van het gebouw, de aanwezigheid van grote hoeveelheden kalkzandsteen, Doornikse steen en verschillende mortelfragmenten doet vermoeden dat dit gebouw een belangrijke functie bekleedde binnen de Romeinse nederzetting. Op basis van een eerste interpretatie van het opgegraven materiaal kan dit complex in de tweede eeuw na Chr. gedateerd worden.
Behalve sporen van gebouwen werden er verspreid over het opgravingsterrein nog enkele grachten en greppels aangetroffen evenals een grote hoeveelheid kuilen waarvan sommige als leemwinnigskuil of silo (voor de opslag van voedsel) geïnterpreteerd konden worden. In een tweede fase werden zij opgevuld met nederzettingsafval, waaronder massa’s aardewerk, glas en metalen voorwerpen, zoals munten, mantelspelden, schrijfstiften, sleutels, ringen en een dobbelsteen vervaardigd in hoorn. Eén cirkelvormige kuil bleek een waterput te zijn. In het zuidoostelijk gedeelte van het opgravingsterrein werd een stukje van een geplaveide weg aangetroffen.
Het verder archeologisch onderzoek van al deze Romeinse sporen en structuren zal de komende maanden meer duidelijkheid moeten geven over de datering, de betekenis en de specifieke functie ervan binnen de Romeinse nederzetting van Asse. Na afronding van het archeologisch onderzoek zullen de gronden worden vrijgegeven voor bebouwing. Aan de Nerviërsstraat worden twee appartementsgebouwen met respectievelijk 12 en 8 appartementen gebouwd. De achterliggende bouwgronden worden eveneens verkocht.
Het archeologisch onderzoek aan de Nerviërsstraat te Asse is gratis toegankelijk voor het publiek op zondag 27 september, tussen 10 u en 18 u. Op regelmatige tijdstippen worden rondleidingen voorzien. Plat en stevig schoeisel is aangewezen. Reserveren is noodzakelijk via 0474/29.95.67 of via kristine.magerman@telenet.be
Oorspronkelijk gepubliceerd door de stichter van S.P.Q.R. op romenieuws.wordpress.com, op 17 september 2009. Bekijk het origineel.

