Romeins dorp verhindert start bouwwerken

Lichte, scherpe silhouet van de Lupa Capitolina, gebruikt als vervangfoto

Een bouwfirma uit West-Vlaanderen wil via de rechter verkrijgen dat de bouwwerken op een terrein in Harelbeke kunnen starten. De Vlaamse overheid verbiedt dat nu omdat er vermoedelijk een Romeins dorp onder ligt. De bouwondernemer weigert op te draaien voor de kosten van de opgravingen. Aanvankelijk leek er geen vuiltje aan de lucht toen het bouwbedrijf drie jaar geleden het stuk grond van 22.700 vierkante meter aankocht op de hoek van de Stasegemsesteenweg en de Kollegelaan van het VTI en het Sint-Amandscollege. Doel was om er zo snel mogelijk meer dan veertigwoningen te bouwen. Er was toen helemaal geen sprake van archeologische overblijfselen onder de grond, vertelt de bestuurder van de bouwonderneming in de krant De Standaard. We kregen daarna ook vlot alle mogelijke vergunningen afgeleverd. Het leek erop dat we in de kortste keren zouden kunnen starten met de bouwwerken. Toen men het terrein wilde beginnen omwoelen, werd dat echter verhinderd door de dienst Onroerend Erfgoed van het Vlaams Gewest, die vertelde dat het vermoeden bestond dat er sporen te vinden zouden zijn van een Romeins dorp. In de jaren zestig waren er in de buurt al resten van een Romeins dorp gevonden en mogelijk was het opnieuw prijs.

Onwaarschijnlijk wat er toen gebeurde, verklaart Arnoud Declerck, de advocaat van de bouwfirma. Het Vlaams Gewest leverde eerst via Stedenbouw alle vergunningen netjes af met de melding dat er geen problemen waren en kwam daarna via Onroerend Erfgoed vertellen dat dit alsnog wel het geval was. Had mijn cliënt geweten dat er nog opgravingen zouden moeten gebeuren, ter waarde van mogelijk 500.000 euro, zou hij geen twee miljoen euro aankoopprijs betaald hebben, zoals nu het geval is. Het was de start van een procedureslag, die gisteren uitmondde in een zaak voor de burgerlijke rechtbank. Volgens de raadsman is er sprake van onbehoorlijk bestuur van het Vlaams Gewest “dat zichzelf tegenspreekt en zelf maar moet opdraaien voor de kosten van dat onderzoek. Dat leek op zeker ogenblik ook zo te zijn, maar plots bleek de overheid daarvoor geen geld te hebben en werd alles verhaald op mijn cliënt” klinkt het. De advocaat vraagt aan de rechtbank toelating om de werken snel weer te laten starten en een schadevergoeding van 1.000 euro per dag dat de werken blijven stilliggen. Het Vlaams Gewest wil dat de rechtbank de bouwondernemer eerst laat opdraaien voor de kosten van het archeologisch onderzoek vooraleer te mogen starten. De rechtbank doet volgende maand een uitspraak.

Oorspronkelijk gepubliceerd door de stichter van S.P.Q.R. op romenieuws.wordpress.com, op 27 oktober 2009. Bekijk het origineel.