Dit is het tweede deel van een driedelige serie over de ongebreidelde opkomst van kitscherige souvenirwinkels en minimarkten in het historische centrum van Rome. Steeds vaker worden in Rome panden opgekocht waarna die transformeren tot de zoveelste souvenirwinkel, minimarkt of automatenshop.
Het stadsbestuur van Rome is zich goed bewust van de problemen die de traditionele handel ondervindt en waarover je in onze nieuwsbrief van gisteren meer kon lezen.
In juni vorig jaar werd een nieuwe gemeentelijke verordening goedgekeurd die uitdrukkelijk de opening van nieuwe souvenirwinkels, minimarkten en dergelijke in het historische centrum verbiedt. Die maatregel werd recent verlengd tot 31 mei 2023. Effectief is ze niet en er komt dan ook nieuwe wetgeving aan.
Men zou denken dat een dergelijke strenge maatregel voldoende zou zijn om de komst van nieuwe shops af te remmen. Dat klopt niet, want het reglement is niet waterdicht. Bovendien beschikt de stad over veel te weinig inspecteurs om de winkels te controleren.
Wie in Rome een winkel opent, moet een zogenaamde Segnalazione Certificata di Inizio Attività (SCIA) naar de stadsdienst sturen die zich bezighoudt met de niet-ambulante handelsactiviteiten.
Die dienst neemt nota van deze melding en moet vervolgens een controleur op pad sturen om na te gaan of de aanvraag strookt met de activiteiten die in de winkel worden uitgeoefend.
Elke winkel wordt ook blijvend toegewezen aan een bepaalde inspecteur die regelmatig moet nagaan of de winkeluitbater zich aan de opgegeven aanvraagcriteria houdt.

De inspectiedienst voor handelsactiviteiten telde enkele jaren geleden een vijftigtal inspecteurs die dagelijks de stad introkken en nagingen wat er gebeurde in de hun toegewezen winkels.
Vandaag zijn er op die dienst nog vier mensen. In een normaal jaar arriveren er in het stadhuis meer dan tweeduizend SCIA’s, wat maakt dat iedere inspecteur verantwoordelijk is voor ruim vijfhonderd winkels. Daarbovenop moeten ze natuurlijk ook de bestaande zaken in de gaten houden.
De betrokken controleurs zijn overwerkt en het tijdrovende controlesysteem zorgt ervoor dat de souvenirshops, minimarkten en automatenwinkels zich steeds vaker weinig aantrekken van het stadsreglement.
Zodra een eerste controle heeft plaatsgevonden, is de kans dat er nog eens een inspectie komt momenteel vrijwel nihil, gewoon door een gebrek aan controleurs.
Opvallend is dat het terugdringen van vijftig naar vier inspecteurs gebeurde door de voormalige burgemeester Gianni Alemanno. Die werd in een paar jaar geleden in hoger beroep veroordeeld tot zes jaar gevangenisstraf wegens zijn betrokkenheid bij de zogenaamde Maffia Capitale.
De politicus was aangeklaagd voor corruptie, samenwerking met criminele figuren, illegale partijfinanciering en de beïnvloeding van verkiezingen. Zijn opvolger Ignazio Marino probeerde de betrokken dienst terug te brengen naar het vroegere niveau met meer personeel.
Maar burgemeester Marino werd tot ontslag gedwongen wegens een vermeend schandaal rond onkostennota’s. Later zou blijken dat hij onschuldig was, maar toen was de lastige burgemeester dus al van het politieke toneel verdwenen.
Een jaar eerder hadden politiediensten in afgeluisterde telefoongesprekken tussen maffiosi al horen vertellen dat Marino best uit de weg zou worden geruimd of in elk geval snel opzij moest worden geschoven. Wat dus ook gebeurde.

Wat de souvenirwinkels betreft, is het echter vooral wachten op een effectieve en sluitende wetgeving. Die komt er nu aan. Het stadsbestuur geeft toe dat de bestaande verordening, die uitsluitend op een verbod gebaseerd is, niet zo effectief is.
Het is vooral nodig om kwaliteitscriteria vast te stellen. Het gaat niet om welke producten een winkel verkoopt, maar om de kwaliteit ervan. Het kan niet dat het door Unesco beschermde historische centrum van Rome grotendeels bestaat uit minimarkten, souvenirwinkels, eettentjes en automatenshops, vindt het stadsbestuur.
Daarom werkt een stadscommissie momenteel aan de grondige herziening van de verordening voor de uitoefening van commerciële en ambachtelijke activiteiten in de historische stad.
In afwachting werd alvast een resolutie van schepen/wethouder Monica Lucarelli goedgekeurd. Daarin wordt zoals verteld, bepaald dat tot 31 mei 2023 het vorig jaar ingestelde verbod wordt verlengd dat geldt op de opening van welbepaalde commerciële activiteiten, zoals onder meer de uitbating van souvenirwinkeltjes.

Het stadsbestuur voelde zich gesterkt door uitspraken van de Tribunale Amministrativo Regionale (TAR) en de Raad van State, die na klachten in 2019 en 2020 oordeelden dat een dergelijk verbod een ‘redelijke maatregel’ is, als het gaat om de leefbaarheid van buurten die onder sterke commerciële en demografische druk staan.
De actuele toestand in de straten van het historische centrum werd voor het eerst in 2017 fotografisch in kaart gebracht. Dat leverde ontstellende beelden op, die werden gebruikt om meteen actie te ondernemen om de ongebreidelde wildgroei aan te pakken.
Tenminste, dat was het plan, want in de praktijk kwam er niet veel van terecht. Pas in mei vorig jaar werd een verbod op nieuwe vestigingen ingesteld, maar zoals verteld waren de betrokken ambtenaren die de controles moesten uitvoeren, inmiddels met veel te weinig om hun taak fatsoenlijk te kunnen uitvoeren.
De nieuwe verordening is gericht op het herstellen van de kwaliteit in het commerciële weefsel van Rome en legt ook een reeks beperkingen op voor nieuwe openingen, vooral wat betreft de verkoop van eten en drinken.
Het verbod op activiteiten die niet passen bij de ‘stedelijke waarde’ van het historische centrum omvat ook de carrosserie- en autoreparatiewerkplaatsen, seksshops, autowasstraten, hard- en softdiscountwinkels, minimarkten, speelhallen met videogames en biljart, groothandelsactiviteiten met of zonder magazijnen en opslagplaatsen.
Tegelijk wordt de lijst van beschermde activiteiten aangevuld. Die zijn welkom omwille van hun historische of ambachtelijke waarde.
Op het lijstje staan onder meer ambachtelijke werkplaatsen, kruidenwinkels, boekwinkels, kantoorboekhandels, antiekzaken, kunstgalerijen, juweliers, parfumerieën, meubel- en designwinkels, ateliers en modewinkels met nationale en internationale merken, producten met een fair trade keurmerk, ecologische en biologische producten.

De opening van andere dan de beschermde nieuwe bedrijven zal worden verboden, wat dus ook de souvenirwinkels buitenspel moet zetten.
Er is tevens een verbod voor rotisseries, frituur- en kebabzaken of soortgelijke eetgelegenheden, zelfbedieningswasserettes, de verkoop via automaten, winkeltjes voor de aankoop van goud en massagecentra.
De zogenaamde verzadigingsindex die de stad hanteert, zou om de twee jaar worden geëvalueerd en eventueel herzien. Rome wil vooral de verschillende bedrijfssectoren weer in evenwicht brengen en speculatie met onroerend goed voorkomen.
De bestaande zaken krijgen meer kwaliteitscriteria opgelegd voor wat betreft uitzicht en decoratie. Wie voeding verkoopt mag dit op geen enkele andere manier combineren met de non-foodproductsector. Alle aangeboden producten moeten bovendien een certificaat van oorsprong hebben en getraceerd kunnen worden.

Uitbaters en eigenaars krijgen twaalf maanden de tijd om de productbepalingen na te leven en zes maanden om zich in regel te stellen met de eisen in verband met het decorum.
Het stadsbestuur wil de maatregelen op termijn ook uitbreiden naar gebieden buiten het centrum omdat alle Romeinen recht hebben op kwaliteitshandel, verklaart Adriano Meloni, de schepen/wethouder voor Economische Ontwikkeling, Toerisme en Werk.
De situatie wordt opgevolgd door de stadspolitie. Maar die heeft ook de handen vol en voldoende gespecialiseerde inspecteurs zijn er nog altijd niet. Bovendien moet het stadsbestuur het opnemen tegen een onzichtbare macht met vele tentakels. Daarover morgen meer.
Morgen deel III:
Een kijkje achter de schermen van de souvenirwinkels
Oorspronkelijk gepubliceerd door de stichter van S.P.Q.R. op romenieuws.wordpress.com, op 18 april 2022. Bekijk het origineel.

