Recordprijs voor Stradivarius

Lichte, scherpe silhouet van de Lupa Capitolina, gebruikt als vervangfoto

Een Stradivarius uit 1699 heeft op een veiling bij Christie’s in New York iets meer dan twee miljoen dollar opgebracht. Dat is volgens Christie’s het hoogste bedrag dat ooit op een veiling voor een muziekinstrument is betaald. De viool werd om precies te zijn voor 2.032.000 dollar (dat is zo’n 1.553.873 euro) eigendom van een particuliere Amerikaanse verzamelaar. Het vorige record stond op 1.776.940 dollar. Voor dat bedrag ging in 1990 ook al een Stradivarius van de hand.

De Italiaanse vioolbouwer Antonio Stradivari (voluit: Giacomo Antonio) gaf zijn naam een latijns tintje: Antonius Stradivarius. Hij werd waarschijnlijk geboren in Cremona (1644) en stierf daar ook, op 18 december 1737. Hij was een leerling van Nicola Amati, onder wiens naam hij aanvankelijk zijn eerste violen bouwde. In 1665 zette hij Amati’s viooltype voort onder eigen naam, maar in 1693 kwam hij tot het grotere patron allongé-type, gekenmerkt door grotere sonoriteit. Van 1698 tot 1703 hanteerde hij een ‘ge-amatiseerd’ model, maar van 1703 tot 1720 bouwde hij instrumenten van het eigenlijke Stradivari-type, dat een zeer briljante, volle toon geeft, bijv. de Betts (1704), de Dolphin (1714), de Emperor (1715), de Messias (1716), de Sarazate (1724) en de cello Piatti (1720). Een nieuw type, ietwat metalig van klank, ontstond tussen 1720 en 1722. Stradivari, wiens ‘geheim’ berustte op een uitzonderlijke harmonie van alle voor de klank belangrijke onderdelen, bouwde waarschijnlijk ongeveer 1.000 instrumenten, waarvan 540 violen, 12 altviolen en 50 cello’s bekend zijn. Van zijn elf kinderen kozen Francesco (Cremona, 1 februari 1671 – 11 mei 1743) en Omobono (Cremona 14 november 1679 – 8 juni 1742) eveneens voor het vioolbouwersvak. Zij erfden de werkplaats van hun en zetten de traditie voort. Van Francesco is nog slechts één enkel instrument bekend.

Dit artikel verscheen oorspronkelijk op 26 april 2005 op het Romenieuws-archief.