Nieuwe sector necropolis Via Triumphalis geopend

Lichte, scherpe silhouet van de Lupa Capitolina, gebruikt als vervangfoto

Vorige week vond de officiële opening plaats van een nieuw gedeelte van de necropolis van de Via Triumphalis in Vaticaanstad. De jongste opgravingscampagne in de necropolis, die liep van 2009 tot 2011, is helemaal afgesloten en de resultaten zijn nu te bekijken. De werkzaamheden die op en rond de site gebeurden hebben het mogelijk gemaakt dat twee van elkaar gescheiden sectoren van de oude begraafplaats worden verenigd. De nieuwe route voert je net als in het gedeelte dat in 2006 werd geopend via wandelpaden en loopbruggen langs kleine mausolea, sarcofagen, standbeelden en bas-reliëfs. Multimedia ontbreekt niet: dankzij twee video’s en elf aanraakschermen beleef je de geschiedenis van de necropolis, met virtuele reconstructies en een documentaire over de verschillende stadia van de opgraving.

De necropolis, die zich uitstrekt over het noordoostelijke deel van de Vaticaanse heuvel, heeft een oppervlakte van ruim 1.000 m² met daarin graven, mozaïeken, lijstwerk en fresco’s die dateren uit de eerste eeuw voor Christus tot de vierde eeuw van onze jaartelling en bleven uitzonderlijk goed bewaard. Hier ben je wel heel dicht bij de oudheid. Deze necropolis is niet te verwarren met degene die zich onder de Sint-Pietersbasiliek bevindt.

De sectoruitbreiding van de necropolis die nu beter dan ooit toegankelijk werd gemaakt voor het publiek, is het gevolg van een aantal succesvolle opgravingen en werkzaamheden die de voorbije twee jaren werden uitgevoerd door de afdeling Griekse en Romeinse Oudheden van de Vaticaanse Musea. De jongste opgravingen werden gefinancierd door een internationaal gezelschap van weldoeners dat zich bezighoudt met de economische ondersteuning van projecten voor het behoud, het herstel en de waardering van de schatten die in het bezit zijn van de Vaticaanse Musea.

Tijdens de voorbije opgravingscampagne is vooral het centrale deel van de necropolis onderzocht. Daarbij werd ondermeer een oud pad blootgelegd waardoor de twee eerder verdeelde sectoren nu kunnen worden samengevoegd. De archeologen vonden ook een zeldzame ustrino, een heilige zone die bestemd was voor crematies. Er werden overblijfselen van een brandstapel ontdekt in de vorm van op elkaar gestapelde lagen klei en fragmenten van houtskool en verbrande dennenappels, die vermoedelijk werden gebruikt om het vuur aan te steken.

De grafgiften van de overledenen uit de necropolis worden in de nu geopende sector tentoongesteld in twee nieuwe kamers. Een derde toont de vondsten van de meest recente opgravingen. Er is ook een panoramisch overzicht van de graafwerken die sinds 1956 in de diverse secties binnen de necropolis werden uitgevoerd. Je maakt als het ware een tijdreis van de jaren vijftig in de vorige eeuw tot op heden.

Op de Vaticaanse heuvel lagen in de Oudheid enkele van de belangrijkste begraafplaatsen van het oude Rome. Het gebied veranderde helemaal van karakter door het feit dat Petrus, tevens de eerste paus van Rome, er begraven was. De eerste christenen wilden zo dicht mogelijk in de buurt van Petrus worden begraven.

De necropolis waarover we het vandaag hebben situeerde zich destijds langs de vroegere Via Triomphalis, de weg die traditioneel gevolgd werd door de overwinnende Romeinse legers bij hun terugkeer naar Rome. Zij trokken dan richting Forum Romanum en de tempel van Jupiter. De Via di San Gregorio aan de Palatijnse heuvel volgt het dal tussen de Coelius en de Palatijn. Deze laan die naar de boog van Constantijn leidt, volgt de vroegere Via Triumphalis. In de vierde eeuw na Christus, toen keizer Constantijn het christendom toestond, werd de heuvel geschikt gemaakt voor de bouw van een enorme basiliek, de voorloper van de huidige Sint-Pieterskerk.

Een dergelijke necropolis, met intacte graven die bijna tweeduizend jaar onaangetast zijn gebleven, is zelfs in Rome zeer uitzonderlijk. Het feit dat alles zo goed bewaard bleef is vooral te danken aan een aardverschuiving in de tweede eeuw na Chr. Alles bleef netjes bedolven. Daardoor spreken archeologen in dit verband weleens over het kleine Pompeii van Rome, hoewel die vergelijking natuurlijk niet opgaat. De graven dateren uit de tijd van keizer Augustus (27 v.Chr.- 14 na Chr.) tot de tijd van keizer Constantijn (4de eeuw na Chr.).

De opgravingen brachten tot dusver bijna vijftig tombes en honderden individuele graven op meerdere niveaus aan het licht, bijna allemaal in uitstekende staat, met inbegrip van de sarcofaag van Publius Caesilius Victorinus (270-290), gebeeldhouwd in bas-reliëf en de grafkamer van Passieni. Door de talrijke en zeer goed leesbare inscripties op de gedenkstenen, vazen, altaren, beeldjes en terracotta urnen, vaak met met vermelding van het beroep of de plaats waar de overledenen vandaan kwamen, hebben archeologen bijzonder veel informatie over de hier begraven doden en hun familie kunnen achterhalen. De graven behoorden meestal toe aan vrije burgers of vrijgelatenen. Bijzonder is dat graven van burgers uit de laagste klassen en die uit de middenklasse hier gewoon door elkaar liggen. Sommige graven bevatten eenvoudige urnen in hout met de as er nog in, andere overledenen werden bijgezet in rijk versierde en dure stenen sarcofagen.

Zo vind je hier de eenvoudige graven van een trainer van paarden voor het circus en van een postbode of loper, zeg maar een koerier uit de oudheid. De grafsteen van Publius Caesilius Victorinus (270-290) verraadt zijn liefde voor de jacht. Deze laatste tombe wordt door de onderzoekers als zeer belangrijk bestempeld. De grafsteen van Alcimus, een voormalige slaaf van keizer Nero, verklapt dat hij aan de slag was als decorontwerper in het Theater van Pompeius. Zijn gereedschap kreeg hij mee in zijn graf. In totaal gaat het om zo’n 500 tot 600 doden die zijn begraven in ongeveer 50 verschillende graftombes.

De eerste sector van de necropolis Via Triumphalis werd op 12 oktober 2006 officieel geopend. In feite gaat het gewoon om de voortzetting van het gedeelte dat reeds in de jaren vijftig onder de Sint-Pietersbasiliek werd ontdekt en waar toen ook het graf van de apostel Petrus werd teruggevonden. De volledige begraafplaats moet in de oudheid erg uitgestrekt geweest zijn en in de hele buurt bevinden zich ondergronds ongetwijfeld nog talrijke overblijfselen van dit reusachtige kerkhof. De necropolis in Vaticaanstad behoort in ieder geval tot de meest complete en gedocumenteerde uit de oudheid.

Het eerst ontdekte gedeelte, waar zich het graf van Petrus bevindt, is enkel bereikbaar via de necropolis onder de basiliek. Voor een bezoek aan het andere deel vertrek je aan de ingang van de Vaticaanse Musea.

De necropolis van de Via Triomphalis staat ook wel bekend als de Necropoli dell’Autoparco, omdat vóór de ontdekking graafwerken gebeurden voor de aanleg van een Vaticaanse parkeergarage. Die graafwerken leidden ruim tien jaar geleden tot de vondst van een nieuw gedeelte van de begraafplaats.

Het archeologische gebied is nu ingesloten in de structuur van de parkeergarage. De opgravingen worden in de toekomst voortgezet. De Edizioni d’Arte De Luca publiceerde over deze fantastische site een boek met als titel La necropoli Vaticana Lungo la Via Trionfale , met teksten van Paolo Liverani en Giandomenico Spinola.

Vanaf begin 2014 zal de site kunnen worden bezocht met meertalige gidsen. Boeken kan via de website van het Vaticaan.

Informatie over een bezoek aan de tombe van Petrus en de necropolis onder de Sint-Pietersbasiliek vind je hier. Informatie: scavi@fsp.va of tours.musei@scv.va.

Musei Vaticani – Ufficio Visite Speciali
Tel. 06 6988.4947 – fax 06 6988.1573
E-mail: visitespeciali.musei@scv.va

www.museivaticani.va

Ufficio Scavi
00120 Città del Vaticano
Tel. +39 06 698 85318
Fax +39 06 698 73017
E-mail: tours.musei@scv.va.
E-mail: scavi@fsp.va

Oorspronkelijk gepubliceerd door de stichter van S.P.Q.R. op romenieuws.wordpress.com, op 22 december 2013. Bekijk het origineel.