Met S.P.Q.R. naar Engeland

Lichte, scherpe silhouet van de Lupa Capitolina, gebruikt als vervangfoto

Eind mei treedt S.P.Q.R. in de voetsporen van de Romeinen in Engeland. Steden waar we een tijdje zullen vertoeven zijn Canterbury, Dover en Chichester. Toerisme is een belangrijk aspect van de economie van Kent. De bezoekers worden vooral gelokt door het rijke verleden en de fraaie gebouwen. In dit artikel krijg je een (heel) bondige kennismaking met een paar aspecten van onze uitstap. Alle details over de reis lees je hier.
Late beslissers moeten nu de knoop doorhakken, inschrijven kan nog tot dinsdag 15 maart a.s. Eerdere bijdragen over het Romeinse verleden van Engeland, vind je op deze link en ook in dit artikel.

Canterbury, gelegen aan de Stour, in het Engelse graafschap Kent, is vandaag nog steeds de zetel van de aartsbisschop-primaat van de Anglicaanse Kerk. De stad is vandaag tevens een belangrijk centrum van onderwijs, met o.m. King’s School, één der oudste en bekendste jongensinternaten van Engeland, en (sinds 1965) de University of Kent. Het Royal Museum herbergt ondermeer lokale archeologische en Romeinse vondsten, het West Gate Museum wapens.

In Butchery Lane is de vloer van een Romeins woonhuis te zien. St. Martin’s church gaat terug tot de tijd van Augustinus (eind zesde eeuw) en is de oudste parochiekerk van Engeland. Zij vertoont nog Anglo-Saksische en Anglo-Normandische elementen, die ook te zien zijn in de resten van St. Augustine’s Abbey.

Augustinus van Canterbury (gestorven op 26 mei 604 of 605) was prior van het Sint-Andreasklooster in Rome. Nadat paus Gregorius de Grote (590-604) zijn oorspronkelijke plan om een inheemse clerus op te leiden voor de missionering onder de Angelsaksen had opgegeven, zond hij in 596 Augustinus met veertig andere monniken van zijn klooster naar Engeland.

Uit vrees voor moeilijkheden met de Angelsaksische bevolking keerde Augustinus reeds vanuit de Provence naar Rome terug. De paus verleende hem echter de abbatiale waardigheid en zond hem terug. Tijdens zijn reis door Frankrijk werd Augustinus in 596 tot bisschop gewijd. Tegen Pasen 597 landde de groep op het eiland Thanet waar zij door koning Ethelbert – gehuwd met de katholieke Frankische prinses Bertha – werden ontvangen.

Nadat de koning zich in 597 had laten dopen, boekte de missionering onder de Angelsaksen grote vooruitgang. In opdracht van de paus trachtte Augustinus zoveel mogelijk het eigene van de Angelsaksen in de christelijke geloofsbeleving op te nemen, maar ook de tot dan toe vrij zelfstandige Keltische Kerk sterker aan de leiding van Rome te binden.

De opdracht van de paus was om in Engeland twee aartsbisdommen (Londen en York) te stichten, elk met twaalf suffragaanbisdommen. Augustinus zelf heeft echter slechts twee bisschoppen (voor Londen en Rochester) kunnen wijden. De feestdag van de heilige Augustinus, bisschop en apostel van Engeland, valt op 26 mei in de Anglicaanse Kerk en op 28 mei in de Rooms-Katholieke Kerk.

Canterbury heeft vandaag op vele plaatsen zijn middeleeuws karakter behouden, met smalle straatjes en oude vakwerkhuizen (o.m. het huis van de wevers, uit ca. 1500) binnen de stadsmuren, waarvan delen bewaard zijn gebleven. Van de stadspoorten rest slechts de veertiende-eeuwse West Gate. Bezienswaardig zijn de romaanse buitentrap aan King’s School, de resten van een Normandisch kasteel, Chillenden’s chambers (met een romaanse crypte), Blackfriars (ca. 1300) en Greyfriars (dertiende eeuw), beide resten van kloostergebouwen.

De voornaamste bezienswaardigheid in Canterbury is echter de kathedraal, Christ Church, gebouwd op resten van een zevende-eeuwse kerk. In 1070-1077 ontstond de eerste kathedraal, die onder Anselmus werd vergroot; bij de brand in 1174 bleef alleen de westelijke crypte, de grootste romaanse crypte in Engeland (twaalfde eeuw), gespaard.

Na de brand ontwierp Willem van Sens het huidige koor, het eerste voorbeeld van de vroeg-gotische ‘early English style’. Na de dood van Willem van Sens werd de bouw voortgezet door Willem de Engelsman; hij is de ontwerper van de oostelijke crypte, de Drievuldigheidskapel en de ‘corona’, een ronde kapel met de marmeren troon die sedert de dertiende eeuw wordt gebruikt voor de intronisatie van de aartsbisschoppen.

Het huidige midden- en dwarsschip werd in de veertiende eeuw gebouwd door Henry Yevele, in perpendicular style; in 1499 kwam de machtige vieringtoren, Bell Harry, gereed in decorated style. Het interieur van de kerk is zeer rijk: schitterende glasramen (uit de dertiende en de veertiende eeuw), fresco’s (St. Gabriel’s Chapel), grafmonumenten, ondermeer van de ‘Black Prince’, de zoon van Edward III, die in 1376 sneuvelde.

De plaats waar Thomas Becket in 1170 werd vermoord, is aangegeven met een gedenkplaat. Aan de kathedraal sluit de veertiende-eeuwse kruisgang aan. Bezienswaardig is ook de toegangspoort tot het de kathedraal omringende terrein, de ‘precincts’, Christ Church Gate (1517), in perpendicular style.

In vroegere tijden was Canterbury het religieuze middelpunt van Engeland. In zijn beroemde verhalencyclus The Canterbury Tales gebruikt Geoffrey Chaucer het stadje als de plaats van bestemming voor zijn personages, die op een pelgrimstocht zijn naar de schrijn van St. Thomas Becket.

Dover, eveneens gelegen in het graafschap Kent, aan het Nauw van Calais, tussen hoge krijtrotsen (de befaamde ‘white cliffs of Dover’) is vooral gekend als de havenstad met verbindingen tussen voornamelijk Calais, Boulone en Zeebrugge.

De haven, vroeer een belangrijke marinebasis, werd in 1923 door de Britse admiraliteit overgedragen aan het havenbestuur ten behoeve van civiel gebruik en is vandaag de grootste passagiershaven van Engeland. Op de rotsen ligt Dover Castle met een Normandische toren. Een Romeinse vuurtoren en de kerk St.-Mary-in-Castro (oorspronkelijk uit de vierde eeuw, herbouwd in 1051) liggen op het grondgebied van het kasteel.

Dover, in de Romeinse tijd Dubris Portus geheten, was ook voor de Romeinen de belangrijkste invalspoort voor de Britse eilanden. In de middeleeuwen werd het één van de Cinque Ports ( vijf havens), namelijk de kanaalhavens Sandwich, Dover, Hythe, Romney en Hastings, waaraan later ook Rye en Winchelsea werden toegevoegd.

Deze steden waren, vooral na 1066, speciaal belast met de voorziening en het in stand houden van de vloot. Daarvoor kregen ze van de Kroon in ruil bepaalde voorrechten, zoals vrijstelling van belastingen en onttrekking aan de gewone rechtspraak. De gouverneur van de Cinque Ports droeg de titel van Lord Warden of the Cinque Ports. Vandaag vallen de Cinque Ports onder de gewone plaatselijke administratie. De titel van Lord Warden bestaat nog steeds, maar heeft geen betekenis meer.

Chichester is de hoofdplaats van het graafschap West Sussex, tussen de South Downs en Het Kanaal, nabij de monding van de Avon. De stad is al van oudsher een belangrijk agrarisch handelscentrum en was in de middeleeuwen erg belangrijk voor de handel in wol. Toeristen komen naar hier vanwege de oudheidkundige monumenten.

In het stadsbeeld zijn de sporen van de Romeinse bewoning in het verleden nog steeds duidelijk terug te vinden. De stad werd als Noviomagus Regnensium door de Romeinen gesticht en is opgebouwd volgens het karakteristieke Romeinse stratenplan.

In het centrum bevinden zich een laat-gotisch octagonaal marktkruis (1501), met daarnaast een kathedraal uit ca. 1100 met een unieke losstaande toren uit 1861 (nagebouwd naar een veertiende-eeuws origineel dat in de negentiede eeuw instortte). Voorts zijn er heel wat resten te zien uit de middeleeuwse stad, waaronder Gulld Hall, het bisschoppelijk paleis (deels in gebruik als theologische school) en een groot aantal huizen in Norman en Georgian style.

In de nabijheid van de stad bevinden zich de resten van een Romeins paleis (het Fishbourne Roman Palace) en een Romeins huis (Bignor Roman Villa), beide met mooie mozaïeken.

Tijdens onze uitstap eind mei maak je er nader kennis mee. Alle details over deze reis lees je hier. Inschrijven kan tot overmorgen.

Oorspronkelijk gepubliceerd door de stichter van S.P.Q.R. op romenieuws.wordpress.com, op 13 maart 2016. Bekijk het origineel.