Italiaanse taxichauffeurs leggen het werk neer

Lichte, scherpe silhouet van de Lupa Capitolina, gebruikt als vervangfoto

In Italië kijkt men er niet echt meer van op, maar voor heel wat bezoekers en toeristen was het gisteren nog maar eens chaos troef bij de zoveelste staking. Ditmaal waren het niet de verkeersleiders of een vliegtuigmaatschappij die hun best deden om het vakantiegevoel van de Rome-reizigers te vergallen. Deze keer legde een aanzienlijk deel van de Italiaanse taxichauffeurs het werk neer. In Rome zorgde dat vooral voor problemen op de luchthavens Fiumicino en Ciampino. Taxipiraten, al dan niet met een nagemaakte badge of waardeloze autosticker, lokten heel wat niets vermoedende toeristen in hun wagen. Zij kregen uiteraard een peperdure rit naar het stadscentrum aangeboden. Geregistreerde taxichauffeurs kijken dan nogal verbaasd op als je hen vertelt dat het imago van de sector zo slecht is. En dat klanten al gauw de neiging hebben om taxichauffeurs te brandmerken als oplichters. Ook de Leonardo-express, de trein van en naar de luchthaven Fiumicino, zat dinsdag meer dan overvol.

In heel Italië zijn gisteren duizenden taxichauffeurs in staking gegaan uit protest tegen plannen van de regering om de taxibranche open te breken en meer concurrentie toe te laten. Duizenden chauffeurs namen deel aan een demonstratie in het centrum van Rome. De chauffeurs staken omdat ze de gevolgen vrezen van de liberaliseringsmaatregelen die de regering wil doorvoeren in de sector. De staking werd vooral goed opgevolgd in de grote steden, waaronder Milaan, Rome, Turijn en Napels.

Verscheidene Italiaanse vakbonden riepen niet op tot staking, omdat ze van mening zijn dat een liberalisering de activiteit zal doen toenemen. Het omstreden wetsontwerp voorziet dat de gemeenten een onbegrensd aantal vergunningen kunnen geven voor “lokaal innoverend openbaar vervoer”, echter zonder dit verder te verduidelijken. De taxisector vreest in ieder geval concurrentie. Een eerste liberaliseringsgolf, in de zomer van vorig jaar, veroorzaakte weinig veranderingen voor de sector. Volgens de Italiaanse pers werden toen slechts een honderdtal nieuwe vergunningen toegekend. Ook die eerste liberalisering kon toen op heel wat protest rekenen van de sector.

Het woord taxi blijft hoe dan ook dikwijls een wanhoopskreet in Rome. Iedere avondlijke uitgaansspits is het prijs. Langs de trottoirs in het stadscentrum staan de wachtenden te telefoneren met één van de zes stedelijke taxicentrales. Of vloekend, als hevig fluiten en armen zwaaien naar passerende taxi’s, voor de zoveelste keer eindigt met een troosteloze blik op de naar onbekende bestemming verdwijnende achterlichten. In Rome wordt al lang geklaagd over het te geringe aantal taxi’s en over de hoge kosten van de ritten. Rome heeft voor elke duizend inwoners slechts 2,1 taxi’s beschikbaar. In Milaan is het nog slechter gesteld: 1,6 per duizend. Vergelijk dat met Washington (12), Barcelona (9,9), Londen (8,3) of New York (8,0) en het is duidelijk dat er iets mis is met het taxibedrijf in de grote Italiaanse steden.

Taxichauffeurs klagen echter ook. Zij vinden hun tarieven nog aan de lage kant, ze klagen over de benzineprijs en dure reparaties die net als veel andere zaken de voorbije zes jaar met vijftig procent zijn gestegen. Maar ze protesteren vooral tegen elke poging om het taxisysteem te moderniseren. Nog meer concurrentie zou volgens hen voor vele chauffeurs het einde betekenen. De controle over de taxisector ligt bij de overheid. Wie in Italie taxichauffeur wil worden moet diep in de portefeuille tasten. De noodzakelijke vergunning kan, afhankelijk van de plaats, variëren van 100.000 tot zelfs 250.000 euro in Rome.

Zelfstandige chauffeurs nemen niet zelden een hypotheek op hun huis of dat van hun ouders om de vergunning te kunnen financieren. Daar komt dan nog de prijs voor de auto bij, plus de bijdrage voor een centrale. Velen zouden graag tien uur of langer per dag werken. Maar dat mag niet. Taxichauffeurs mogen niet langer dan acht uur per dag werken, in wisselende diensten. Wat in de praktijk betekent dat er op een doorsnee maandagmiddag evenveel (of even weinig zo u wil) taxi’s rondrijden als op een zaterdagavond. De taxichauffeurs vrezen vooral dat er alweer een groep nieuwkomers zich straks aansluit bij het grote leger van kandidaat-taxichauffeurs. Want er mag dan in Italië wel veel worden geklaagd, toen de stad Rome in 2005 – na 13 jaar wachten! – besliste om 450 extra vergunningen te verstrekken, waren daar meer dan vijfduziend gegadigden voor… Zo slecht zal de job dan ook weer niet zijn…

Dit artikel verscheen oorspronkelijk op 9 mei 2007 op het Romenieuws-archief.