De zwarte rook die ondertussen al twee keer is opgestegen uit de schoorsteen op de Sixtijnse Kapel bestaat uit patronen gevuld met kaliumperchloraat, antraceen (een bestanddeel van koolteer) en zwavel die samen met de stembiljetten worden verbrand. Bij de witte rook, die woensdagavond duidelijk maakte dat er een paus is gekozen, worden kalium, melksuiker en colofonium (vioolhars) aan de stembiljetten toegevoegd. De zwarte rook die de voorbije dagen zichtbaar was, is opmerkelijk donkerder dan bij de vorige verkiezing van een nieuwe paus. In het verleden was niet altijd duidelijk vast te stellen of de kleur van de rook wit of zwart was. Daarom werd deze keer beslist om nieuwe bestanddelen te gebruiken voor de brandstof.
Het conclaaf in 2005 dat leidde tot de verkiezing van Benedictus XVI duurde eveneens kort. Welgeteld vijf stemrondes, evenveel dan gisteren en vandaag en eveneens gespreid over twee dagen, waren nodig voordat een tweederde meerderheid van de kardinalen het eens was over de nieuwe paus. In 1939 waren er slechts drie stemronden nodig voor de verkiezing van Paus Pius XII en Johannes-Paulus II werd in 1978 gekozen in vier stemronden en dit zelfs op één dag. Drie tot vijf stembeurten is normaal. Men wil vooral niet de indruk wekken dat er intern niet zou gediscussieerd worden over wie de toch zeer belangrijke titel zal gaan dragen en dat al van bij het begin alles is geregeld.
De conclaven die sinds 1846 zijn gehouden, duurden overigens nooit langer dan vier dagen. Dat was vooral in de 17de en 18de eeuw wel anders. De verkiezing van Benedictus XIV in 1740 nam maar liefst 181 dagen in beslag, terwijl zijn voorganger Clemens XII ook pas werd gekozen na een conclaaf van 129 dagen. Alle conclaven tussen 1623 en 1831 duurden minstens 18 dagen. Gemiddeld namen de kardinalen in die tijd 74 dagen de tijd voor een verkiezing van een nieuwe paus. Vóór 1623 viel het wel mee met de duur van de conclaven, alhoewel de duur per editie verschilde. Zo waren er meerdere conclaven die slechts een dag in beslag namen, maar anderzijds duurde het 111 dagen voordat in 1560 Pius IV werd gekozen en ook de verkiezing van Julius III in 1550 liet 70 dagen op zich wachten.
Ooit duurde een conclaaf bijna 3 jaar: de verkiezing van Gregorius X duurde van 1268 tot en met 1271 als gevolg van onderlinge conflicten tussen Franse en Italiaanse kardinalen. Uiteindelijk besloten de inwoners van Viterbo, waar het conclaaf plaatsvond, om de kardinalen op te sluiten en op water en brood te zetten, totdat zij een paus gekozen zouden hebben. Als compromiskandidaat werd toen de Luikse aartsdiaken van Italiaanse afkomst Tebaldo Visconti gekozen. Die zou als Gregorius X vijf jaar lang paus blijven.
Oorspronkelijk gepubliceerd door de stichter van S.P.Q.R. op romenieuws.wordpress.com, op 13 maart 2013. Bekijk het origineel.

