De zwaargewichten van de familie Colonna

Lichte, scherpe silhouet van de Lupa Capitolina, gebruikt als vervangfoto

Over de geschiedenis van de familie Colonna, Palazzo Colonna en de Galleria Colonna (zie de artikels van de voorbije dagen) verschenen heel wat interessante boeken in diverse talen. Enkele ervan zijn te koop in Galleria Colonna (bezoekersingang, Via della Pilotta 17). Ook in de boekwinkels van Rome vind je zeker wel wat lectuur terug over de familie Colonna. Het Romeinse geslacht Colonna speelde in de middeleeuwen een grote rol in de evolutie van de stad en de Kerkelijke Staat. Ook vandaag nog beschikt de familie (ondertussen in verschillende linies gesplitst, waaronder Palestrina, di Sciarra en Stigliano, vroeger ook de Barberini) door zijn uitgebreide bezittingen en vaak hoge ambten over veel macht.

Hun oorsprong is onzeker. Zelf leiden zij hun geslacht af van de graven van Tusculum. Ze zijn groot geworden door de gunst van de pausen, met wie zij echter ook vaak in strijd waren. De eerste Colonna die tot kardinaal werd verheven (1184), was Johannes Columna, abt van San Paolo (gestorven in 1216).

In de strijd tussen de pauselijke partij, de Guelfen (Welfen), en de keizerlijke, de Ghibellijnen, die vooral in de dertiende eeuw in Italië woedde, kozen velen van het geslacht Colonna de kant van de Ghibellijnen. Het wapen van de familie Colonna vind je terug op talrijke gebouwen in heel Italië, zoals bv. het onderstaande, te vinden in Palazzo Bellomo in Syracuse.

In de kijker liepen vooral de beide neven van Johannes, Giacomo en Pietro, die na de verkiezing van Bonifatius VIII (1294) diens heftigste vijanden werden. Eerst verloren zij daardoor hun bezittingen en kastelen, maar hun neef Sciarra Colonna nam, samen met de Fransman Guillaume de Nogaret, de paus in Anagni (1303) gevangen.

De volgende paus, Clemens V, heeft de familie Colonna al hun bezittingen teruggegeven en hun waardigheden en titels hersteld. In diezelfde tijd had Stefano Colonna, senator van Rome en ‘proconsul’ van de Romagna, een zeer grote populariteit en macht, die hij echter verloor door Cola di Rienzi.

Ook in de vijftiende en de zestiende eeuw bleef hun vijandschap met de Orsini, een geslacht dat veel pausen leverde en tot de Guelfen behoorde, de geschiedenis van Rome beheersen. Pas tijdens het bewind van Pius IV (1559-1565) geraakten ze met de paus verzoend. Vanaf toen werden ze zeer krachtige verdedigers van de paus.

Oddone Colonna (1368-1431)

Over hem hadden we het eerder al. Hij bracht het tot paus (Martinus V) en is daardoor ongetwijfeld de bekendste telg van de familie. Oddone was reeds onder Urbanus VI aan de Curie verbonden.

Hij werd in 1405 kardinaal van de Romeinse obediëntie onder Innocentius VII en steunde na het (mislukte) Eenheidsconcilie van Pisa (in 1409) Alexander V en Johannes XXIII. Na lange debatten koos het Concilie van Konstanz hem op 11 november 1417 tot paus; de laatste vier zittingen presideerde hij. Hij slaagde erin het pauselijk gezag, dat door het Westers Schisma zwaar geleden had, weer te herstellen door de restauratie van de pauselijke staten en het herstel van Rome en door een correcte uitvoering van de bepalingen van Konstanz.

Zo verordende hij, conform het decreet Frequens, een concilie te Pavia (1423) dat echter door gebrek aan deelnemers werd opgeheven (1424), en in Basel (1431), dat door zijn opvolger Eugenius IV werd geopend. Hij hield zich streng aan de technische hervormingsmaatregelen van het Concilie van Konstanz en bereidde een algemene kerkhervorming voor die echter niet werd doorgezet. Ook de stichting van de Leuvense universiteit werd door hem goedgekeurd (9 december 1425). Zijn graf bevindt zich in de confessio van de Sint-Jan van Lateraan.

Prospero Colonna (1452-1523)

Hij was een achterneef van Oddone en een beroemde veldheer in de tijd van de oorlogen om Italië. Hij was eerst een aanhanger van de Fransen en stond in dienst van Karel VIII, voor wie hij enige belangrijke veroveringen binnenhaalde. In 1501 liep hij plotseling over naar de vijand en sloot zich aan bij Ferdinand van Aragón, die ook koning van Napels was.

Hij behaalde belangrijke overwinningen op de Fransen, o.a. door het ontzetten van Roccasecca en de Slag bij de Garigliano. Onder Karel V was hij opperbevelhebber van het leger in Italië, dat bij Bicocca de overwinning behaalde en daarna Cremona en Genua veroverde (1522).

Marcantonio Colonna (1535-1584)

In Spaanse dienst bestreed hij paus Paulus IV en keerde na diens dood naar Rome terug om als één van de leiders van de Spaansgezinde partij in de stad zijn invloed aan te wenden, opdat ook Paulus’ opvolger uit de Spaansgezinde kardinalen zou worden gekozen.

Bij Pius IV kwam hij zeer in de gunst. Zijn naam is verbonden aan de grote overwinning in de Slag bij Lepanto, waaraan hij als admiraal van het pauselijk vlootcontingent een groot aandeel had (1571). Van 1577 tot 1584 was hij in Spaanse dienst onderkoning van Sicilië.

Oorspronkelijk gepubliceerd door de stichter van S.P.Q.R. op romenieuws.wordpress.com, op 6 maart 2016. Bekijk het origineel.