In het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis (IISG) in Amsterdam werd tijdens een feestelijke bijeenkomst de prijs voor de beste masterscriptie geschiedenis 2018 uitgereikt aan Aimée Plukker. De intrigerende titel van die scriptie (Universiteit Amsterdam): Roman Holiday. The Marshall Plan, American tourism to Rome, and the creation of the West (1947-1957). De auteur biedt een transnationale kijk op het ontstaan van massatoerisme, waarbij zij fijntjes laat zien welke verhalen er wel, en welke verhalen er juist niet over Rome verteld worden. De prijs wordt al sinds 2010 uitgereikt. Toen stelden het IISG en de Volkskrant een jaarlijkse prijs in voor de beste masterscripte op het gebied van de nationale of internationale geschiedenis, geschreven aan een Nederlandse universiteit. De winnaar ontvangt van het IISG een geldprijs van 1.500 euro en krijgt een publicatie in de Volkskrant.
We weten natuurlijk allemaal dat alle wegen naar Rome leiden, maar dankzij Aimée Plukker weten we ook dat deze in de jaren 1950 vooral bereden werden door jonge Amerikaanse toeristen. Aimée dook in allerlei archieven en onderzocht tijdschriften, films en folders om de ideologie achter het opkomende Amerikaanse massatoerisme en de adoratie van Rome als bron van ‘onze’ beschaving te ontrafelen. Politiek toerisme, consumentisme en een selectief historisch geheugen bleken machtige wapens om een nieuwe Amerikaanse identiteit als beschermer en redder van de wereld te creëren, lezen we in het juryrapport.
In de Wetenschapsbijlage van de Volkskrant van 10 december verscheen een interview dat George Van Hal met Aimée Plukker over haar scriptie hield. Het moderne toerisme, gericht op massa en consumptie, kent zijn oorsprong voor een groot deel in het Rome vlak na de Tweede Wereldoorlog. “In de periode 1947 tot 1957 gebeurde in Rome iets heel interessants. In Amerika begon het verhaal van die stad als geboorteplek van de oude westerse wereld plots enorm te leven. Amerika zag zichzelf als redder van de beschaving, een gevoel dat tijdens de Koude Oorlog alleen maar sterker werd. Die beschaving had zijn wortels in Rome, dachten de Amerikanen. Via het Marshallplan had de VS beloofd de Europese economie weer op gang te helpen. Dat ging onder andere via de stimulering van het toerisme. In de stad ontstond daardoor een samenspel van culturele en politieke ambities, zowel bij de Italianen als de Amerikanen. Ik vond dat een fascinerende periode om te bestuderen”, stelt Plukker.
“De Amerikaanse kijk op Rome was aanvankelijk bizar. Amerikanen gingen zich echt opstellen als leiders. Ze hadden sterk het gevoel: wij nemen het hier wel even over. Dat was een behoorlijk machtsspel. Je zag de gevolgen van die houding zelfs bij Amerikaanse toeristen. Die hadden als ze op bezoek waren het idee ‘wij hebben Europa bevrijd en steken hier veel geld in’. Ze gedroegen zich als weldoeners. Of dat alleen in Rome zo gebeurde, of ook in andere grote steden is nog een open vraag waarnaar ik graag een vervolgonderzoek wil doen. Ik ben nu een voorstel aan het schrijven voor een promotieonderzoek waarin ik Rome met Amsterdam en Berlijn wil vergelijken. Die investering in het Marshallplan is natuurlijk Europabreed, dus wat dat betreft verwacht je daar ook iets interessants. Berlijn kreeg een heel gekke rol, als buffer tussen het Westen en de Sovjet-Unie. En Amerikanen vonden Nederland al langer fascinerend. Tegelijk is Rome ook uniek. Er heerste het hele specifiek gevoel dat dáár de wortels van de beschaving lagen. Dat gaf de stad veel glamour”, verklaart de winnares in het interview.
“Die glamour kwam ook tot uiting in het toerisme. In de tijd van het fascisme had je in Italië ook al toerisme, maar dat was anders. Het was iets elitairder, meer gericht op leren door een nieuwe plek te bezoeken. Het Amerikaanse toerisme was gericht op ontspanning. Lekker eten en drinken, mooie kleding kopen. Het was de opkomst van het consumeren als toerist, de opkomst van het huidige massatoerisme. In de archieven die ik in Rome bezocht, vond ik promotiemateriaal uit die tijd. Daarin krijgt die glamour ook de nadruk. Dan zie je foto’s van Elizabeth Taylor die een avondjurk uitzoekt. Gary Cooper in een kledingzaak. Maar ook Winston Churchill, Alfred Hitchcock, Frank Sinatra, …. Die luxe, dat Hollywoodgevoel, dat kwam steeds weer terug”, aldus Aimée Plukker.
“De Hollywoodklassieker Roman Holiday toont eigenlijk de hele ontwikkeling die ik in mijn scriptie beschrijf. In de film wordt Audrey Hepburn, een prinses, tijdens een bezoek aan Rome verliefd op een Amerikaanse journalist (Gregory Peck). Dat laat het beeld zien dat Amerika voorstond: dat toerisme democratiserend werkt, dat klassenverschillen erdoor verdwijnen. Bovendien zie je in de film heel sterk die hang naar consumptie terugkomen. Hepburn drinkt champagne, eet een ijsje op de Spaanse trappen, neemt een trekje van haar eerste sigaret. Ze beleeft in de film echt het ideaalbeeld van hoe een moderne vakantie er toen uit moest zien”, besluit de laureate.
Oorspronkelijk gepubliceerd door de stichter van S.P.Q.R. op romenieuws.wordpress.com, op 15 december 2018. Bekijk het origineel.

