De gouden eeuw van Rome

Lichte, scherpe silhouet van de Lupa Capitolina, gebruikt als vervangfoto

De twee eeuwen rond het begin van de jaartelling worden doorgaans beschouwd als de glorietijd van het Romeinse Rijk. In dit boek betoogt rasverteller Anton Van Hooff dat eigenlijk de tweede eeuw na Chr. meer aanspraak maakt op de betiteling Gouden Eeuw. Het Rijk bereikte zijn grootste omvang. Er waren geen burgeroorlogen. Overal heerste een enorme bouwactiviteit, waarvan de ruïnes nu nog getuigen.

Zeker in kwantiteit was er een immense productie van beeldende kunst, literatuur en wetenschap. Nooit eerder werden de oude goden met zoveel tempels en festivals geëerd. Vanaf Nerva (96 na Chr.) stierven vijf keizers in hun bed; pas in 192 werd er weer eentje vermoord: Commodus. Deze despoot brak de reeks van vijf goede keizers af.

Ook de beroemde geschiedschrijver Edward Gibbon beschouwde die tijd als de gelukkigste periode van de hele mensheid. In ‘De Gouden Eeuw van Rome’ maakt rasverteller Anton Van Hooff duidelijk hoe goede keizers bijdroegen aan de welvaart van Rome maar ook hoe Commodus, zoals een antieke historicus schrijft, het goud tot verroest ijzer maakte.

Anton van Hooff (°1943) was tot 2008 hoofddocent klassieke geschiedenis aan de Universiteit Nijmegen. Hij schrijft voor diverse kranten en tijdschriften over onderwerpen uit de klassieke geschiedenis. Van zijn hand verschenen eerder Klassiek, Athene en Sterven in stijl.

De gouden eeuw van Rome
(Van de volmaakte Trajanus tot Commodus de gladiator)
Anton van Hooff
Nederlandstalig
ISBN 9789026336799
Eerste druk: maart 2017
Uitgever: Ambo|Antho
Prijs: 19,99 euro

Oorspronkelijk gepubliceerd door de stichter van S.P.Q.R. op romenieuws.wordpress.com, op 29 maart 2017. Bekijk het origineel.