Chemische oorlogvoering in de oudheid

Lichte, scherpe silhouet van de Lupa Capitolina, gebruikt als vervangfoto

De Britse archeoloog Simon James zegt aanwijzingen te hebben dat reeds in de oudheid chemische oorlogvoering bestond. Hij vond die aanwijzingen op een archeologische vindplaats in de Syrische woestijn. Het lijkt erop dat daar in het jaar 256 na Christus twintig Romeinse soldaten door een Perzisch leger zijn vergast, dit met rook van verbrande bitumen en zwavelkristallen. Op die plek stond toen de stad Dura-Europos. De stad werd in het jaar 156 na Christus ingenomen door de Romeinen. De Perzen, die toen leefden onder de dynastie van de Sassaniden, probeerden op hun beurt de stad in handen te krijgen. Hoe ze het precies voor elkaar gekregen hebben, is onbekend. Maar uiteindelijk zijn de Romeinen gevlucht voor de Sassaniden en werd de stad helemaal verlaten. Pas in 1920 werd de stad herontdekt.

De Sassaniden gebruikten verschillende tactieken om de stad in te nemen. Eén van die methodes was het graven van tunnels onder de stadmuren, met als doel om van daaruit de stadsmuren te verzwakken. De Romeinen groeven op hun beurt zelf ook tunnels om de Sassaniden tegen te houden. Beide tunnels kwamen op een gegeven moment bij elkaar uit, waarna het gevecht kon beginnen. Bij een archeologische opgraving in Dura-Europos werden de lijken van twintig Romeinse soldaten gevonden, inclusief compleet wapentuig. De soldaten lagen aan het eind van de Romeinse tunnel, onder de stadsmuur.

Archeoloog Simon James vroeg zich af hoe het mogelijk is om twintig goed bewapende Romeinse soldaten om te brengen in zo’n nauwe tunnel, die nog geen twee meter breed en twee meter hoog is. Hij denkt nu dat de Sassaniden gebruik hebben gemaakt van een soort gasaanval. Onderzoek aan de Romeinse tunnel toonde aan dat er bitumen en zwavelkristallen zijn gebruikt om de tunnels in brand te steken. Maar het is ook bekend dat deze stoffen een uiterst dodelijke cocktail van gassen produceren als ze samen worden verbrand. Op het moment dat de Romeinse en Perzische tunnelsoldaten bij elkaar in de buurt waren gekomen, staken de Perzen mogelijk een soort vuurkorf aan met daarin bitumen en zwavelkristallen. Met een soort blaasbalg bliezen ze de giftige dampen naar binnen bij de Romeinen. De Romeinen moeten binnen een paar seconden door het gifgas bewusteloos zijn geraakt en na enkele minuten overleden.

“Uit archeologische vondsten in Dura-Europos is duidelijk dat de Sassaniden net zoveel kennis van oorlogvoeren op zak hadden als de Romeinen. Ook deze angstaanjagende tactiek hebben ze ongetwijfeld in de vingers gehad,” aldus James, die verbonden is aan de Universiteit van Leicester. Hij maakte zijn CSI-achtige reconstructie van de gasaanval bekend op een congres van de Archaeological Institute of America.

http://www.sciencedaily.com/releases/2009/01/090114075921.htm

Oorspronkelijk gepubliceerd door de stichter van S.P.Q.R. op romenieuws.wordpress.com, op 21 januari 2009. Bekijk het origineel.