Was ze een gifmengster, een intrigante? Was ze de kwade genius achter de wreedheden van haar zoon Nero – wiens moederliefde zo diep niet ging of hij liet haar op zeker moment doden? Of is er een genuanceerder beeld te schetsen van Agrippina, één van de meest invloedrijke vrouwen van het Romeinse keizerrijk? Lien Foubert, onderzoeker aan de Radboud Universiteit Nijmegen, geeft in het boek Agrippina, Keizerin van Rome, meer kleur aan deze vrouw.
Agrippina, Julia, bijgenaamd Agrippina Minor of de Jongere (15-59 n. Chr.), een dochter van Germanicus en Agrippina Maior, werd in het jaar 49 keizerin van het Romeinse Rijk, toen zij in het huwelijk trad met haar oom Claudius I. Mogelijk heeft zij in 54 Claudius vermoord om haar zoon Nero, uit een vorig huwelijk, op de troon te krijgen. Eerder al, in 28, huwde ze met Gnaeus Domitius Ahenobarbus, bij wie zij een zoon, Lucius Domitius Ahenobarbus, kreeg. In 39 werd Agrippina door keizer Caligula verbannen maar teruggeroepen door haar oom, keizer Claudius I (broer van Germanicus), met wie zij dus, na de dood van diens echtgenote, Messalina, in 49 trouwde.
Ter ere van Agrippina werd in 50 haar geboorteplaats Oppidum Ubiorum herdoopt in Colonia Claudia Ara Agrippinensium (de huidige stad Keulen in Duitsland). Al intrigerend bracht zij Claudius (die zij geheel overheerste) in 50 ertoe haar zoon uit haar eerste huwelijk, sindsdien Nero genaamd, als zoon en opvolger te adopteren. De wettige erfgenaam, Claudius’ eigen zoon Britannicus, werd hiermee gepasseerd.
Nadat Claudius in 54 was gestorven, domineerde Agrippina ook de inmiddels keizer geworden Nero. Haar tomeloze heerszucht zorgde echter voor steeds sterker wordende oppositie en ook Nero zelf begon genoeg van haar te krijgen. Al eerder was Agrippina, in een periode van strubbelingen en ruzie, als tegenzet de terzijde geschoven Britannicus gaan beschermen en bevoordelen, totdat Nero, die dat allemaal beu was, hem in 55 liet vergiftigen.
Nere ging echter nog verder, ook Agrippina zelf moest er aan geloven. Op Nero’s instructie werd voor Agrippina een schipbreuk geënsceneerd; toen deze moordaanslag mislukte, stuurde Nero, in paniek geraakt en daardoor mede aangezet door zijn minnares Poppaea Sabina, soldaten naar haar villa in Baiae, die haar vermoordden (verteld door Tacitus, Annales, XIV 1-8).
Sinds augustus 2005 is Lien Foubert als junioronderzoeker verbonden aan het Institute for Historical, Literary and Cultural Studies van de Radboud Universiteit Nijmegen, afdeling Geschiedenis. Zij werkt daar aan een proefschrift over de beeldvorming van Julisch-Claudische vrouwen, de vrouwen van de eerste keizerlijke dynastie in Rome. Agrippina, de oudste zus van keizer Caligula, nicht en echtgenote van keizer Claudius en moeder van keizer Nero is één van die vrouwen – en wel een van de meest invloedrijke. Ze zette haar zoon op de troon maar werd zo machtig dat Nero haar uit de weg liet ruimen.
Wat deze vrouwen zo interessant maakt is dat zij in een nooit eerder geziene politieke situatie terechtkwamen. Vrouwen waren minder gebonden aan het huishouden en gingen een rol spelen in het publieke leven. De positie van keizerlijke vrouwen was bovendien nog complexer aangezien de macht en status van de keizer ook op hen afstraalde. Dit maakte veel mannen uit het Romeinse Rijk nerveus, want zij twijfelden sterk aan de capaciteiten van vrouwen. Het was dan ook de taak van keizersvrouwen om niet al te prominent naar voor te komen en zich te gedragen als goede huisvrouwen.
In Agrippina, Keizerin van Rome (een bewerking van de doctoraalscriptie die Foubert schreef ter afsluiting van haar studie Oude Geschiedenis aan de Katholieke Universiteit Leuven) toont Lien Foubert aan waartoe zo’n gespannen situatie kon leiden: de antieke auteurs uit de tijd van Agrippina hielden vast aan hun beeld van de onderdanige vrouw en konden niet uit de voeten met een keizerin die uit de schaduw van haar echtgenoot trad. Agrippina deed echter veel meer dan dat. Na de troonsbestijging van haar zoon werd ze afgebeeld als de gelijke van de keizer, in plaats van als diens ondergeschikte.
Dit resulteerde uiteindelijk in haar dood én in een postume negatieve beeldvorming door antieke auteurs zoals Tacitus, die haar afschilderde als een onbeschaamde, infame en gewelddadige vrouw. Agrippina was zeker geen onbeschreven blad, aldus Lien Foubert, maar wie uitsluitend afgaat op de literaire bronnen uit de tijd van en kort na Agrippina, geschreven door mannelijke auteurs, krijgt een te zwart beeld van deze vrouw.
Agrippina, Keizerin van Rome
Auteur: Lien Foubert
Uitgeverij: Davidsfonds, Leuven
Prijs 19,95 euro
ISBN 90-5826-402-5
Dit artikel verscheen oorspronkelijk op 3 september 2006 op het Romenieuws-archief.

